Archief
Gamescool nu ook voor het primair onderwijs
Naast de cursus die meer gericht is op VO (en eventueel hoger onderwijs), is er nu ook een cursus voor het PO. Zie verder hier.
Wat leren docenten maken op de Gamescool?
Gisteren geplaatst op de weblog van Gamescool:
Je vraagt je misschien af wat leraren maken en doen bij de Gamescool opleiding. Welnu, hieronder een paar voorbeelden van de oefeningen die gedaan zijn door docenten in opleiding. (De voorbeelden zijn te bekijken met de gamemaker plugin voor je browser. Als je op de plaatjes klikt, wordt je er vanzelf heen geleid (klik op ‘ja’ om de plugin te installeren)):
Een prachtig afstudeerwerkje van Pauline Maas, zij maakte een memoriegame om te praten over internetgebruik door jonge kinderen. Het lijkt simpel, maar er zit behoorlijk wat geprogrammeerde logica achter:
Je leert een aantal ‘klassiekers’ programmeren, doolhofgames, shooters en arcadegames. Hieronder de prachtige bewerking van een klassieke shooter door Jan van Arkel:
Michiel van der Blonk maakte als oefening voor het maken van animaties, deze basketbal-actie-animatie. Er zit een hoop physica in!
Jan van Arkel componeerde zijn eigen gamemuziek en zette er gelijk een Itunes-look-a-like schermpje achter:
Een game met logica en spanning. Creatie van Pauline Maas om het genre ‘doolhofgames’ te doorgronden.
Tenslotte nog een gamesound_voor_de_gamescool gemaakt door Pauline Maas, perfect als achtergrondmuziekje bij een game. Naast al deze oefeningen leren docenten gameplay, gamegeschiedenis, gamedesign, games testen en beoordelen, serious games ontwepen en gebruiken en krijgen ze een hoop materiaal om te gebruiken in de klas.
Ga naar http://www.gamescool.nl/leraren/aanmelden.php om je aan te melden voor de volgende gamescool.
Hoe leren mensen?
Zo af en toe kom je een boek tegen waarbij je denkt: “had ik dat boek maar eerder gelezen!”
Het boek “Liefde voor leren” van Manon Ruijters is zo’n boek waarbij ik dat dacht. Het boek beschrijft het promotieonderzoek van Manon Ruijters. Het gaat over de manieren waarop mensen leren en het is een aanrader voor elke serious game designer en eigenlijk voor IEDEREEN die in het onderwijs werkt. Zelf ben ik de afgelopen jaren betrokken geweest bij een hoop aantal (nieuwe) opleidingen, over internet, gamedesign opleidingen, mijn eigen projectmanagement school en meer recent de online gameschool, en DIEM. Je probeert dan na te denken over hoe je de stof het beste kunt aanbieden.
Ook als je een educatieve game gaat ontwerpen, of het nu een online ‘flash-voor-iedereen’ game wordt, of een meer traditioneel ‘rollen-bord-management’ game, denk je na over de vraag hoe mensen iets nieuws leren door die game.
Manon Ruijters onderscheid 5 leerstijlen:
- Kennis verwerven (De klassieke ’schoolstijl’, bijvoorbeeld een boek van a tot z doornemen)
- Leren in sociale setting (leren in een groep van elkaar, ervaringen uitwisselen)
- Oefenen (details oefenen in een veilige omgeving)
- Kunst afkijken (van een senior)
- Exploreren (van ‘alles’ wat leren)
Mensen hebben een natuurlijke voorkeur voor 1 of meer leerstijlen. Als je in je verkeerde leerstijl moet leren, dan levert dat veel frustratie op en leert men in de regel slecht (sub-optimaal). Je kan ook een allergie hebben voor een leerstijl. Dan gaat een boek er echt niet bij je in, of sla je helemaal dicht bij een rollenspel.
Nu blijkt dat de verschillende leerstijlen vrij gelijkmatig voorkomen bij mensen. Oftewel ongeveer 20 procent van de mensen houdt van kennis verwerven, 20% van een sociale leerstijl, enzovoort. In het boek zit een test om je eigen voorkeur te bepalen.
Nu is het ook zo dat het huidige middelbare schoolonderwijs eigenlijk alleen leerstijl “Kennis verwerven” en “Oefenen” aanbiedt. Met andere woorden 60% van de jongeren krijgt onderwijs in een niet passende leerstijl! Stel je voor dat een dokter 60% van zijn patiënten misschien niet een slecht maar ook niet het goede medicijn zou voorschrijven….Zou het zo zijn dat de hoge schooluitval te maken heeft met het niet passend zijn van het onderwijs?
Engels leren met Gamemaker
Een mooi voorbeeld hiervan hoorde ik van Pauline Maas. Toen zij een workshop Gamemaker gaf op een VMBO, kwam de leraar Engels binnen omdat hij zo benieuwd was hoe zij het voor elkaar kreeg dat zijn leerlingen woorden als “width” en “height” konden onthouden, terwijl hem dat niet lukte in de les. Kennelijk was zijn leerstijl (kennisverwerven en oefenen) niet de juiste voor deze leerlingen en door het maken van games (exploreren) leerde ze deze (en andere) Engelse termen zonder moeite.
Games en in bredere zin interactieve applicaties bieden de mogelijkheid om meer leerstijlen aan te bieden en dus onderwijs voor een groter groep passend te maken (er zijn natuurlijk nog veel meer manieren om de bredere mix van leerstijlen aan te bieden, ICT is er maar eentje van). “Liefde voor leren” toont ons de mogelijkheden voor het ontwerp van onderwijs 2.0.
Schrijf je in voor de Gamescool
Na de zomer gaat er weer een verse ronde starten van Gamescool, waarin leraren, docenten en andere mensen die games willen maken met jongeren leren dat te doen. Het zijn 6 online lessen en 2 ‘live’ lessen waarin je alles leert om met jongeren games te kunnen maken. Het is een pittige cursus die een paar uur huiswerk per week kost, maar na het bereiken van een voldoende krijg je ook een echt Gamescool diploma. Misschien ook een mooie gelegenheid om je computervaardigheden bij te spijkeren.
1 oktober gaat de volgende groep docenten van start! Meer info over meedoen, klik hier.Kaart het nu alvast aan bij je schoolmanagement.
Geld besparen op scholen: minder PC’s!
Het gaat gebeuren: de scholen moeten besparen. In de politieke wandelgangen worden percentages van 20% genoemd. Waar vindt je geld? Je kan als school een hoop geld en een hoop elektriciteit besparen. Hoe? Door 1 PC’s te delen met 4-6 gebruikers. Lees hier verder Terugverdientijd < 1 jaar!
Deze oplossing kan trouwens ook goed werken in kleine kantoren, bibliotheken en op andere plekken waar een aantal PC’s staan voor algemeen gebruik.
Iets anders wat ik geleerd heb vorige week toen ik een workshop Moodle gaf: goedkope PC’s zijn vaak duurkoop. In dit geval stonden er Dell kantoor PC’s. Van die modellen van 400 euro per stuk. Op het eerste oog leken de specificaties ok. Core 2 duo Intell processoren 2,4 Ghz. Genoeg geheugen en een onboard grafische kaart. Misschien niet de PC voor heftige multimedia, maar wel voor algemeen gebruik. Niet dus. Het bleek dat er in deze machines ‘frontside bussen’ zaten die op 1,3 Ghz draaien. Zeg maar de pijplijn tussen de microprocessor en de rest van de computer. Alhoewel er dus snelle processoren in zaten, had je er niets aan omdat de rest van de computer op de helft van die snelheid moet werken. Gevolg: 10 minuten opstarttijd en heel traag verlopende applicaties. De snelle microprocessor is een marketing verhaaltje van Dell, kijk dus bij aanschaf vooral naar de hele machine en vraag hulp van een techneut om het goed te beoordelen. Ander gevolg: docenten (en leerlingen) willen niet met deze PC’s werken, want het opstarten kost al gelijk een kwart van de les.
Doe mee met Gamescool
Allereerst natuurlijk de beste wensen voor iedereen in 2010!
Het gaat voor mij een spannend jaar worden met gelijk al twee interessante projecten, maar daarover later meer. Want, wat nu (bijna) af is: Gamescool. Gamescool is de online school waar je leert games te maken. In eerste instantie voor docenten en mensen die met gamedesign en jongeren aan de slag willen.
In 9 lessen leer je in 3 maanden tijd hoe je een game kunt ontwerpen, bouwen en testen. Bovendien leer je in de gamescool hoe je als leraar dat kunt gebruiken op school. Naast de online lessen zijn er 2 bijeenkomsten ‘in het echt’.
Ik zoek nog een paar leraren, jongerenwerkers en/of andere geïntereseerden om mee te doen met de betatest die over 2 weken start. Meer info en aanmelden: www.gamescool.nl
De nieuwe skills van de moderne leraar
In ‘mijn’ tijd waren er een paar leraren die ‘tegen’ rekenmachines waren. Zelf beheersten ze het hoofdrekenen als geen ander en voor een logaritme of iets dergelijks pakten ze gewoon even de rekenlineaal. Elke technologische vernieuwing roept weer die vraag op, moeten we nu wel of niet? Want als we zelf niet meer leren spellen en vertrouwen op de spellingscontrole van Word, wat verliezen we dan? Is het erg dat wij niet meer zo goed konden hoofdrekenen als onze leraren? Is het erg dat de huidige generatie studenten niet meer kan spellen zonder Word? (laat ik daar gelijk mijn mening over geven, ik vind het erg, maar ik vind het vooral erg dat studenten geen fatsoenlijke brief meer kunnen schrijven, dat is lastig bij het vinden van een goeie stageplek of later een baan).
Hoe dan ook, docenten moeten door. Wat zijn IMHO de ICT tools die docenten nu zouden moeten beheersen? (powerpoint en word zijn zo jaren 2000!!):
- Moodle: Moodle is een open source systeem waarmee je (redelijk) gemakelijk je eigen lessen online kunt maken. Het voordeel van Moodle is dat het gratis is, maar het nadeel is dat het zoals wel meer open source producten niet altijd even goed ontworpen is vanuit het oogpunt van de gebruikersinterface. Maar met een paar boekjes en wat online tutorials beheers je het zo.
- In Moodle (of een andere elo) kan je lessen maken met allerlei ‘lessenbouw software pakketten’. Want je elo vullen met alleen maar plaatjes, dat is natuurlijk veel te unomediaal. Kennisnet heeft een handig overzicht, ik heb zelf nog geen voorkeur, maar hoor graag jullie ervaringen.
- HTML: ja je moet als docent (IMHO) in staat zijn zelf een eenvoudige website te maken. Ook voor het vullen van een elo, heb je vaak een paar basiscodes HTML nodig (een link maken, een tabel uitlijnen, en dergelijke)
- Video editor: zelf voor de klas staan, kan natuurlijk alleen nog bij hoge uitzondering, veel beter om te werken met interessante video’s waarin je laat zien hoe iets werkt of is of was. Softwarepakketten: Imovie, Moviemaker, KinoDV. Een groot respect voor de wiskunde docent die al zijn uitleg heeft opgenomen en online gezet (lees de voorlaatste Vives hierover).
- Open Office: ik vind dat het onderwijs veel te veel plakt aan Microsoft. Door onze kids al te laten werken met MS, begint de verslaving. We willen wel van Microsoft af, maar we kunnen het niet, want we zijn er zo aan gewend. Het is helemaal geen fijne software, maar ja we weten niet beter en overgaan naar een ander pakket is zo lastig. Er is geen enkele reden om geen open source tekstverwerker te gebruiken op scholen, en als de volgende generatie dan bij de overheid en gemeentes komt te werken, willen ze wel weg van die dure monopolist die onze maatschappij miljarden per jaar kost.
- Linux: doorgaan op het vorige punt zouden scholen eens serieus moeten kijken naar Ubuntu. Veel goedkoper en je kan er ook nog heel veel energie mee besparen ten opzichte van Windows, omdat je een enkele computer kunt delen met meerdere gebruikers. Goed voor het milieu!
Dan de lijst van dingen die moderne docenten eigenlijk ook zouden moeten beheersen, maar niet per se (NB. ik heb het over alle docenten niet alleen ICT docenten):
- Fotobewerken en digitaal schetsen (om je lessen multimedialer te laten zijn)
- Gamemaker (om je eigen serious game of simulatie te bouwen of om met gamemaker in de klas aan de gang te gaan). Een ander gamepakket mag ook: Alice 3d, Unity
- Diverse educatieve games en/of simulaties op je eigen vakgebied
- Een scripttaal zoals Javascript, Actionscript, GML, PHP. Heel veel jongeren beheersen dat namelijk ook dus kan je als docent niet achterblijven. En je kan niet zonder als je je interactieve les wilt maken.
- Projectmatig werken. Iets leren is niet meer een solistisch lineair vaststaande inhoud, maar een groepsproces, waarin creativiteit centraal staat. Dan moet je weten hoe je dat aanpakt.
Ah ja, ik draaf natuurlijk een beetje door (daarvoor is het een blog), denkt u. Maar er is zoveel mogelijk met ICT om het leren interessant(er) te maken en de leerlingen zijn daar al. Denk aan Powerpoint. 15 jaar geleden was het nog een noviteit, nu kan bijna geen enkele leraar meer zonder. Yes we must!
Duurzaam(heid) leren
Ik realiseer me dat milieuonderwijs erg belangrijk is. Toen ik op de middelbare school voor het eerst in ‘aanraking’ kwam met zure regen (nog steeds een probleem, maar gelukkig al veel tegen gedaan) en klimaatverandering (dat was toen nog erg ver weg maar nu helaas niet meer) realiseerde ik me niet dat dat onderwijs de basis zou leggen voor de veranderingen die nu mogelijk zijn in de politiek en bij bedrijven.
40 jaar is een gevaarlijke leeftijd
Mijn afstudeerbegeleider aan de TUE zei op een gegeven moment tegen ons studenten: wat je nu leert (over energiemanagement) is vooral van belang als jullie dadelijk 40 worden. Dan zijn jullie pas echt gevaarlijk (lees machtig). En zo is het: de (meeste) babyboomers en ouderen snappen niets van de milieuproblemen. Zij scheiden hooguit braaf hun afval maar veel verder gaat het niet. Zij zullen ook niet zo veel last meer hebben van klimaatverandering of grondstoffenschaarste, alhoewel als zij de 80 of 90 halen zou het wel eens zo kunnen uitpakken dat er geen aardgas meer is om hun bejaardentehuis te verwarmen.
De generatie die nu aan de macht komt (de veertigers) heeft gelukkig meer besef van de ernstige problemen op gebied van klimaatverandering en onze beperkte voorraden fossiele energie (aardolie en aardgas) en dat komt zeker door het onderwijs wat wij veertigers destijds hebben gehad.
De volgende generatie veertigers zal nog bewuster zijn en bereid om te handelen en dat begint nu op de scholen en universiteiten. Goed onderwijs begint met goede voorbeelden. Je kan niet in de les vertellen hoe belangrijk energiebesparing is en vervolgens in de school in allemaal lege lokalen het licht laten branden. Dus het milieu- en energiebeleid van de school zelf is erg belangrijk. Zie bijvoorbeeld mijn blog over computerlokalen en energiegebruik. Maar er is veel meer te winnen. Wat dacht je van zonneboilers voor de verwarming van douchewater in combinatie met warmtewisselaars waarbij het koude douchewater wordt voorverwarmd met warm water dat anders zo het riool in zou stromen. Of het ophangen van een energiespiegel in de hal van de school, waarop het energiegebruik wordt gemeten. Motiveert enorm om de verlichting uit te doen in ongebruikte lokalen. Waarom de kachel niet een graadje lager (elke graad scheelt 8% op je verbruik en is ook veel gezonder dan de kleffe 20-21 graden).
Energiegames:
Deze blog gaat (voornamelijk) over serious games, dus laat ik met tot dat gebied beperken. Hieronder een aantal games die wellicht onderdeel zouden kunnen zijn van een les over duurzaamheid:
- Energy Hog
- Een hele lijst van energie en klimaatgames ooit uitgezocht voor een project
- Diverse initiatieven op school van onze zuiderburen
- Veel materiaal van kennisnet over milieu
- Science online
Nou ja, wie zoekt, zal heel veel materiaal vinden om de volgende generatie anders te laten denken. Het is belangrijk! Maar het belangrijkste is het rolmodel dat we zelf als docenten en schoolbestuurders spelen voor de volgende generatie.
Dit was mijn laatste bijdrage in het kader van de global action day 2009.
Taal- en rekengames
De komende maanden ga ik een project opstarten met een aantal scholen. Het doel van dit project is om online taal- en reken middelen te bundelen en/of ontwikkelen zodat er interessant lesmateriaal vrijkomt voor leerlingen (al dan niet met taal- en rekenachterstand). Kenmerken en doelstellingen van het project zijn:
- in een ELO (elektronische leeromgeving)
- iedere leerling werkt op eigen niveau (dus met toetsing en voortgangscontrole)
- gebruik maken van de aantrekkelijkheid van nieuwe media en games
- doorlopende leerlijn
- met, met minimale, en zonder begeleiding te volgen door de leerling (dus ook inzetbaar tijdens ‘uitvaluren’)
- verschillende soorten oefeningen (van drillen tot kunstzinnig en creatief)
- gebouwd met input van de deskundigheid van leraren
- voor (tegen) taal- en rekenachterstand
- ontwikkeld materiaal wordt open source vrijgegeven




Recente reacties